Terug naar overzicht

Lening omkatten naar vergoeding redt aftrek niet

Een bv drijft een uitzendbureau en een klussenbedrijf. De enige aandeelhouder is een vrouw, die samen met haar partner bestuurder is. De bv heeft twee vorderingen die zij in 2020 wil afwaarderen. De eerste vordering van ruim € 74.000 betreft de

Delen

Een bv drijft een uitzendbureau en een klussenbedrijf. De enige aandeelhouder is een vrouw, die samen met haar partner bestuurder is. De bv heeft twee vorderingen die zij in 2020 wil afwaarderen. De eerste vordering van ruim € 74.000 betreft de zoon van de partner. Hij heeft met geld van de bv gegokt op internet. De tweede vordering van € 97.000 betreft de partner zelf, aan wie de bv een lening heeft verstrekt zonder zekerheden. Beide schuldenaren ondertekenen eind 2020 een brief waarin zij verklaren slechts een fractie te kunnen terugbetalen. De bv boekt de vorderingen af als bijzondere lasten. De inspecteur weigert deze afwaardering, waarna de bv besluit de lening om te zetten in een vergoeding voor verrichte werkzaamheden.

Geen reden voor afwaardering in 2020

De rechtbank oordeelt dat de bv niet aannemelijk heeft gemaakt dat er reden is om de vordering op de zoon juist in 2020 af te waarderen. De zoon is in loondienst bij de bv en had de vordering in termijnen kunnen terugbetalen. Sterker nog: in 2022 betaalt hij alsnog bijna € 50.000 terug. Waarom er in 2020 geen afbetalingsregeling is afgesproken, kan de bv niet uitleggen.

Omzetting lening ongeloofwaardig

Voor de vordering op de partner pakt de rechtbank zwaarder uit. De bv erkent in haar beroepschrift dat de lening is omgezet in een vergoeding voor werkzaamheden, uitsluitend omdat kwijtschelding fiscaal niet aftrekbaar zou zijn. De rechtbank acht die handelswijze ingegeven door de persoonlijke behoeften van de aandeelhouder en haar relatie met de partner, niet door zakelijke motieven. De bv stelt dat de partner cruciale werkzaamheden verrichtte en het boekenonderzoek begeleidde. De rechtbank vindt dat volstrekt ongeloofwaardig. De reguliere beloning van de partner bedroeg in de jaren 2018 tot en met 2021 slechts € 8.000 tot € 14.000 per jaar. Waarom zou hij opeens recht hebben op een extra vergoeding van € 97.000? De aftrek is terecht geweigerd.

Bron: Rechtbank Gelderland | jurisprudentie | ECLI:NL:RBGEL:2026:3026 | 16-04-2026

Meer nieuws

Parkeerbelasting bij ophalen klein pakketje

Een man parkeert zijn auto op een parkeerplaats waar parkeerbelasting verschuldigd is. Hij betaalt deze echter niet, omdat zijn dochter alleen maar even een pakketje hoeft op te halen bij het nabijgelegen afhaalpunt. De man blijft ondertussen zelf in

Hof stelt eisen aan navordering na klikbrief

Wie voor een bestelbus geen bijtelling aangeeft, moet dat standpunt goed kunnen onderbouwen. Dat ondervond een hovenier die na een anonieme klikbrief te maken kreeg met een boekenonderzoek. De inspecteur mocht zelfs navorderen over een jaar waarin

Liquidatie bv leidt tot navordering pensioen en stamrecht

Een dga liquideert in februari 2020 zijn bv, waarin een pensioenaanspraak in eigen beheer en een stamrecht aanwezig zijn. De bv heeft op dat moment een vordering van € 117.190 op de dga. In zijn aangifte 2020 vermeldt de dga geen inkomen uit

Gratis werken toch belast

Een vrachtwagenchauffeur werkt in 2019 en 2020 bijna gratis voor de bv van zijn zoon en dochter. Hij is persoonlijk failliet en alles wat hij verdient gaat naar de curator. Daarom wil hij geen inkomen op eigen naam. De inspecteur belast hem toch voor

Krol Wezenberg Accountants maakt de zaken helder

Maak kennis