Terug naar overzicht

Twee keer mrb ondanks afwisselend gebruik

Een man heeft twee auto’s. Auto A gebruikt hij met name in de zomer en auto B in de winter. Om motorrijtuigenbelasting (mrb) te besparen, schakelt hij tussen twee auto’s. Als auto A in gebruik is, is auto B geschorst en vice versa. In oktober 2020

Delen

Een man heeft twee auto’s. Auto A gebruikt hij met name in de zomer en auto B in de winter. Om motorrijtuigenbelasting (mrb) te besparen, schakelt hij tussen twee auto's. Als auto A in gebruik is, is auto B geschorst en vice versa. In oktober 2020 schorst de man auto A en gaat hij auto B gebruiken. Als hij in 2021 auto A weer gaat gebruiken, vergeet hij echter auto B te schorsen en auto A aan te melden. Op een zonnige dag wordt de man al rijdende in auto A vastgelegd op elektronische camerabeelden. De man krijgt een naheffingsaanslag mrb mét boete. Hij is het hier niet mee eens.

In hoger beroep betoogt de man dat de verschuldigde belasting wel degelijk door hem is betaald. Immers, de verschuldigde mrb is door hem betaald voor de andere auto, die op dat moment niet werd gebruikt. De betaalde mrb voor het niet-geschorste voertuig moet volgens de man toegerekend worden aan het voertuig dat werd gebruikt terwijl het geschorst was. 

Het hof wijst dit argument af, omdat beide voertuigen afzonderlijk belastingplichtig zijn. Er is geen wettelijke basis om een materiële schorsing te erkennen wanneer een kenteken feitelijk niet is geschorst. Het schorsen van een kenteken is een rechtshandeling die gevolgen heeft voor belastingheffing, verzekering en APK-verplichting en is daarom aan strikte regels gebonden.

Het staat de man vrij om de mrb te optimaliseren door zijn auto’s afwisselend te gebruiken en daarbij telkens het voertuig te schorsen dat hij niet gebruikt. Op hem rust dan wel de verantwoordelijkheid om nauwgezet de administratieve formaliteiten in acht te nemen die daarbij komen kijken (in dit geval het opheffen van een schorsing). De man is daarin tekortgeschoten en dat kan hem worden aangerekend.

Bron:Gerechtshof Amsterdam | jurisprudentie | ECLI:NL:GHAMS:2025:1050 | 15-01-2025

Meer nieuws

Vestiging tweede hypotheek is aanleiding voor aansprakelijkheid voor belastingschuld

Een holding en haar dga worden aansprakelijk gesteld voor een btw-schuld van een dochter-bv van de holding. De btw-schuld bedraagt ruim een miljoen euro. Zij bestrijden de aansprakelijkstelling met als standpunt dat de schuld zou zijn verjaard. Hoe

Aftrek geweigerd omdat huurovereenkomst niet aan eisen voldoet

Een ondernemer huurt sinds 2016 een aantal bedrijfsruimtes in een pand. De verhuurder brengt btw in rekening op basis van een afspraak over belaste verhuur. Kort daarna begint de ondernemer delen van het pand door te verhuren aan derden. Bij deze

Turboliquidatie biedt geen bescherming tegen navordering ab-heffing

Een vrouw houdt 20% van de certificaten in een holding. De werkmaatschappij wordt geturboliquideerd en de onderneming gaat over naar haar vader als eenmanszaak. Niemand geeft inkomen uit aanmerkelijkbelang aan. Jaren later legt de inspecteur

Blind investeren in handelsbot kost ondernemer aftrek

Een ondernemer investeert ruim € 60.000 in een handelsbot die maandelijks 10 tot 20% rendement zou opleveren. De bot blijkt niet te bestaan en de aanbieder wordt veroordeeld voor oplichting. De ondernemer wil zijn verlies aftrekken als

Krol Wezenberg Accountants maakt de zaken helder

Maak kennis